schaatsen op natuurijs

Contact Me

De schaatsen


De schaatsen voor op het natuurijs moeten over het algemeen aan iets andere eisen voldoen dan de schaatsen die we op de perfect geprepareerde kunstijsbanen gebruiken. Een scheur in het ijs, zand op het ijs, koude voeten of een stukje klunen is geen uitzondering.

In grote lijnen is de evolutie van de schaats van houtjes, Noren naar klapschaatsen gegaan. Van de laatste de klapschaats is er een variant die uitermate geschikt is voor het schaatsen op natuurijs. We hebben het hier over de zogenaamde kluun-schaats. Dit is een lekkere schoen (langlauf schoen) die goed geïsoleerd is en veel stabiliteit geeft. Dus geen koude of zere voeten meer. Dit maakt het schaatsen gelijk een stuk leuker. Doormiddel van een binding klik je de schaats onder de schoen en het klapmechanisme zorgt er voor dat de afwikkeling van een schaatsslag heel natuurlijk aanvoeld. Niet zo efficiënt als de professionele klapschaatsen maar voor diegene die graag een tochtje door de natuur schaatst is dit echt een uitkomst.

De allernieuwste ontwikkeling voor het schaatsen op natuurijs is de wiperboard. Dit is een schaats in de vorm van een ruitenwisser. Het klapmechanisme is gewijzigd en bestaat nu uit een naaldlager met dubbele veren. De schaats klapt nu echt helemaal terug en hangt na de slag niet een beetje los onder de schoen. Alhoewel dit heel makelijk is op te lossen met een elastiek. Ook de positie van het klapmechanisme is iets meer richting de bal van de voet voor een efficiëntere schaatsslag.

De ronding


Doordat de schaats is geslepen met een bepaalde ronding (straal) kunnen we makkelijker de bocht door of beter de krachten op het ijs kwijt. Er zijn heel veel factoren die meespelen wat voor jouw de beste ronding is zoals bijvoorbeeld gewicht, lengte schaatser (kracht maal arm) schaatstechniek en de hardheid van het ijs. Bij -15 graden is het ijs natuurlijk harder dan als het ijs rond het vriespunt is. Meestal word standaard een ronding geslepen met een straal van 21 meter.

Bij een wat kleinere ronding schaats je wat makkelijker door een bocht maar ben rechtdoor minder stabiel en heb je misschien wat meer het gevoel dat de schaats over het ijs heen zwabberd. Bij een wat grotere ronding schaats je rechtdoor wat stabieler maar ga je wat lastiger door een bocht. Is de ronding te groot dan snijd het ijzer verder in het ijs zodat de weerstand groter word en het schaatsen lastiger. Als het ijzer nagenoeg recht is ondervind je ook veel weerstand en is het schaatsen ook lastiger. De ronding in de schaats is dus erg belangrijk.

Wat voor jouw de beste ronding is moet je dus zelf gaan ondervinden. Begin ergens rond de 21 meter en voel hoe het schaatst. varieer vervolgens met kleine stapjes naar boven en naar beneden totdat het voor jouw goed voelt. Laat je daarbij ook goed informeren door de vakman die jouw schaatsen van een ronding voorziet. Pas op niet iedereen die schaatsen slijpt is ook een vakman die een goede ronding zet. Uiteindelijk gaat het om je eigen gevoel. Je weet zelf wel wat het lekkerste en makkelijkst schaatst.